Een leuning bevestigen aan metselwerk, beton, gasbeton of hout

Stalen leuningwerk op maat

Een leuning is niet sterker dan het punt waar hij vastzit. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar het is precies waar het in de praktijk misgaat: een prima leuning met beugels die in een gipsplaat of in een verkeerde plug zitten. Wie nieuw leuningwerk laat plaatsen, doet er goed aan te weten wat er achter de muur zit.

Waarom de krachten hoger zijn dan je denkt

Bij normaal gebruik leunt iemand met een deel van zijn gewicht op de leuning. Maar de maatgevende situatie is niet normaal gebruik: het is het moment dat iemand struikelt en zich met zijn volle gewicht vastgrijpt. Dan komt er op één beugel al snel meer dan honderd kilo te staan, en die kracht werkt bovendien naar beneden én naar buiten.

Een bevestiging die bij rustig leunen prima voelt, kan op dat moment bezwijken. Daarom kiezen wij het bevestigingsmateriaal altijd op die piekbelasting en niet op het dagelijks gebruik.

Stalen leuningwerk op maat

Metselwerk: gezond of zacht?

In gezond, massief metselwerk zijn slagankers of goede constructiepluggen prima. Bij oudere woningen komt het echter vaak voor dat de steen zacht is of dat de voegen zijn uitgesleten; dan verdeelt een gewone plug de kracht slecht en trekt hij op termijn los.

In dat geval gebruiken wij chemische ankers: een lijmpatroon dat het gat volledig vult en de kracht over de hele diepte verdeelt. Belangrijk daarbij is dat het gat stofvrij wordt geblazen voordat de lijm erin gaat — een chemisch anker in een gat vol boorstof houdt een fractie van wat het zou moeten houden.

  • massief metselwerk: slaganker of constructieplug
  • zacht of oud metselwerk: chemisch anker, gat stofvrij maken
  • beton: slaganker of chemisch anker, beide prima
  • gasbeton en kalkzandsteen: speciale pluggen of chemisch anker
  • gipsplaat: alleen in de houten of metalen regels erachter
  • hout: doorgaande bouten of schroeven in massief hout, niet in fineer

Beton

Beton is de dankbaarste ondergrond: sterk, homogeen en goed te boren. Zowel slagankers als chemische ankers werken hier uitstekend. Het enige aandachtspunt is de wapening: boor je precies op een staaf, dan kom je niet op diepte en moet het gat verplaatst worden.

Bij een betonnen trap of bordes betekent dat soms dat een beugelpositie een paar centimeter opschuift. Omdat we de leuning op maat maken, kan dat opgevangen worden in de beugelverdeling.

Stalen leuningwerk op maat

Gasbeton en kalkzandsteen

Deze materialen zijn poreus en relatief zacht. Een gewone plug drukt het materiaal weg en trekt uiteindelijk uit. Hier gebruik je speciale pluggen met een groot draagvlak of, beter nog, chemische ankers met een zeefhuls die de lijm in het poreuze materiaal verspreidt.

Bij twijfel boren wij een proefgat. Aan het boorstof is vaak direct te zien waar we mee te maken hebben, en dat bepaalt welk materiaal er de bus uit komt.

Gipsplaat en voorzetwanden

Aan een gipsplaat bevestig je geen leuning. Punt. Wat wel kan, is de beugels bevestigen in het houten of metalen regelwerk erachter, maar dan bepaalt de positie van die regels de beugelafstand — en die is zelden precies waar je hem wilt hebben.

De oplossing die wij vaak toepassen is een doorlopende stalen strip of een houten lat over de regels, waar de leuning aan wordt bevestigd. Die verdeelt de kracht en geeft vrijheid in de beugelplaatsing. Bij een nieuwbouw of verbouwing is het nog beter om vooraf een houten spant op de juiste hoogte in de wand te laten opnemen.

Houten trappen en wangen

In massief hout kun je goed bevestigen, mits je in het hout zelf zit en niet in een fineerlaag of een verlijmde afwerkplaat. Bij vrijstaande staanders op een houten trap gebruiken we doorgaande bouten door de trede of een voetplaat op de wang, niet alleen schroeven.

Wij beoordelen de ondergrond bij de opname en kiezen daar het bevestigingsmateriaal op. Wij maken stalen leuningwerk op maat en leveren en plaatsen het in Overijssel, Gelderland en Flevoland — inclusief het juiste anker voor jouw muur.

Wat er achter de muur nog meer kan zitten

Voordat er geboord wordt, is de vraag niet alleen wat de muur kan dragen maar ook wat erin zit. Langs een trap loopt vaak bekabeling naar de overloop, en op de hoogte van een leuning — rond 90 centimeter — zitten regelmatig stopcontacten met hun voedingsleidingen. Ook waterleidingen naar een badkamer op de verdieping lopen soms door de trapwand.

Wij scannen de wand daarom met een leidingdetector voordat er gaten komen, zeker rond schakelaars, stopcontacten en op de verticale lijn daarboven en daaronder. Blijkt er iets in de weg te zitten, dan verschuiven we een beugel; dat kan zonder gevolgen, zolang de onderlinge afstand binnen de marge blijft.

Bij vloerverwarming in een betonvloer of een dekvloer op een bordes is dat extra van belang. Daar boren we alleen als bekend is waar de leidingen liggen, en anders kiezen we voor een voetplaat die op de vloer wordt verankerd op een plek waar zeker niets zit. Een doorboorde leiding in een afgewerkte vloer is een van de duurste fouten die je bij dit soort werk kunt maken.

Lees ook